leukemie

‘Mitch, je zus heeft leukemie’

Posted on november 1, 2017 by admin

Na de diagnose en de rondleiding waarover je in de vorige blog hebt kunnen lezen, mocht ik nog even naar huis. Daar was ik blij mee, ik kon nog even tijd met mijn familie doorbrengen, afscheid nemen van mijn opleiding en zelf kleding halen/ inpakken voor mijn allereerste opname en chemokuren.

We zaten in de auto terug naar huis en ik wist dat het een hele zware avond zou worden, want we moesten aan mijn jongere broertje vertellen dat zijn zus kanker had. Ik pakte mijn mobiel uit mijn zak en ging naar het groepsgesprek van mijn (oude)klas en stuurde een berichtje; ‘Hey iedereen, even een update. Ik heb net de diagnose gehad en ik heb leukemie. Ik heb net mijn beenmergpunctie gehad en ik word heel snel 4 weken opgenomen voor mijn eerste chemokuren’. Ik deed mijn telefoon terug in mijn zak en sloot mijn ogen. Dit moest een nachtmerrie zijn, en ik moet zo snel mogelijk wakker worden.

Ik opende mijn ogen, we waren thuis. Ik zat er nog midden in, dit was geen nachtmerrie, maar de realiteit. Toen we het huis in liepen was het enige wat ik kon verslagen op de bank zitten, ‘wat was er zojuist allemaal gebeurd?’ was het enige wat ik kon denken. Ik was een paar uur van huis, en mijn hele leven was veranderd. Ons leven was veranderd.  Mijn moeder ging naar boven, naar mijn broertje. Ik bleef beneden, hij zou te horen krijgen dat zijn zus een dodelijke ziekte had. Ik hoorde ze beide huilen. Even later kwam mijn moeder naar beneden, ik besloot zelf even naar hem toe te gaan. Met veel tegenzin en angst liep ik de trap op naar de kamer van mijn broertje. Daar zat hij, emotioneel op bed. Mijn lieve kleine broertje, hij was toen nog maar 12 jaar. Ik ging bij hem zitten op bed en zei tegen hem; ‘ik ben erg ziek Mitch, en ik ga straks even weg van huis. Maar als ik terug kom dan gaat het al beter. De dokters gaan me beter maken en dan komt alles goed. Maar om me beter te maken, moeten mijn haartjes er wel af’. ‘Waarom gaat je haar eraf?’ antwoordde hij. ‘Omdat ik medicijnen krijg die ervoor zorgen dat alle zieke mannetjes in mijn lichaam dood gaan, en als die dood gaan dan word ik weer beter!’. ‘Maar Meliss? Kun je dan geen haartransplantatie krijgen’ vroeg hij met een serieus gezicht.
Ik moest lachen, ik vond het heerlijk. Heerlijk dat hij een leeftijd had waarop hij nog zo kon denken, en nog niet wist hoe serieus kanker eigenlijk is.
Achteraf heb ik van mijn moeder gehoord dat hij meerdere keren heeft gevraagd of ik dood zou gaan. Die vraag heeft hij aan mij nooit gesteld.

Ik liep door naar mijn eigen kamer en keek om me heen. Op mijn bureau lagen mijn studieboeken en het boekje met informatie over mijn nieuwe stageplek. Ik zou stage gaan lopen op de longafdeling, dit is er helaas nooit van gekomen. De tranen stonden in mijn ogen, ik wist dat dit betekende dat ik moest stoppen met mijn studie. Ik had zo hard mijn best gedaan om daar terecht te komen, en wat ging het goed op school. Ook op mijn stageafdeling ging het super goed, ik ben iedereen zo dankbaar dat ik de kans heb gekregen om daar te studeren en stage te lopen. Ik sloot mijn studieboeken en liep naar mijn bed. Ik ging op bed liggen en pakte mijn telefoon, ik ging naar het groepsgesprek van mijn (oude)klas en las alle reacties. De tranen stroomden over mijn wangen.

Ik dacht na, en besloot dat ik de volgende dag als verassing naar school zou gaan om afscheid te nemen van de klas en docenten. Maar ook om nog één keer iedereen te zien. Daarna zouden mijn moeder en ik de stad ingaan om alles voor de opname te kopen.
Die avond was vreemd, ik denk dat we ons alle 3 niet beseften wat ons te wachten stond. Vooral ik dacht er luchtig over. Ik dacht namelijk dat ik door kon studeren tijdens mijn opnames en alle chemokuren, dat ik daar wel genoeg energie en kracht voor ik. Ik dacht; ik doe deze behandeling wel even, dan ben ik er zo bovenop en kan ik weer verder studeren. Niet wetende wat me allemaal te wachten stond. Ik had alvast wat spullen ingepakt, voornamelijk schoolspullen, lekkere sokken en wat kleding. We gingen allemaal op tijd naar bed.
Eenmaal in bed ging ik in mijn studieboeken en op internet kijken wat ALL nou eigenlijk is, wat de behandeling is, het genezingspercentage en alle late effecten van de ziekte/behandeling. De uren gingen voorbij en ik bleef informatie opzoeken. Mijn nieuwsgierigheid en ik wouden alles weten. Ik dacht dat ik me goed kon voorbereiden, wat natuurlijk onzin is. Want iedere leukemie is anders, en iedereen reageert anders op de behandeling (zowel mentaal als fysiek).

Na een slapeloze nacht maakte ik me klaar voor de dag. Ik zou die dag (als verassing) naar school gaan en daarna de stad in met mijn moeder.
Het was druk in de trein, om me heen was iedereen aan het lachen en hadden een groepje meiden het over wat voor leuke dingen ze dat weekend zouden gaan doen. Dat was een pijnlijk moment. Ik kon het niet geloven, mijn lichaam zat vol met kanker. Ik zou dat weekend in het ziekenhuis liggen om te beginnen met de behandeling voor kanker. Ik was ontzettend gemotiveerd om te starten met de behandeling, want ik wilde die kanker kapot maken en weer studeren. Maar aan de andere kant wilde ik zo hard mogelijk wegrennen en schuilen. Ik was bang, op dat moment was ik al heel lang patiënt in het ziekenhuis. Door andere gezondheidsproblemen was ik er heel veel, ik had op dat moment al veel behandelingen, onderzoeken en operaties achter de rug. Als klein meisje ging ik soms vaker naar het ziekenhuis dan naar school, mocht ik nooit mee gymmen, zat ik al aan veel medicijnen waardoor ik veel vocht vast hield en had ik al veel heftige dingen m.b.t mijn gezondheid meegemaakt. Ik was het zat, ik vond het al genoeg en wou niet nog vaker in het ziekenhuis zijn. Nog zieker worden.

Vroeger ben ik heel erg gepest, onder andere omdat ik door medicatie wat opgezet was. Ik werd gezien als het ‘zieke afwijkende’ meisje, het meisje dat niks waard was omdat ze ziek was, ik was een last voor de wereld en ik moest mijn leven maar beëindigen want dan zou de wereld een stuk mooier zijn. Ik was bang dat doordat ik die medicijnen weer ging krijgen, en ik ook nog kaal zou worden, dat ik weer erg gepest zou worden. Dit is gelukkig niet gebeurd, ik heb een aantal keer op straat wat dingen naar mijn hoofd gekregen, onder andere: ‘Hey kankerwijf, kanker is op’, maar gepest ben ik door de lichamelijke veranderingen van kanker gelukkig niet. Wel ben ik, toen ik kaal was, veel aangestaard door mensen en gingen veel mensen fluisteren. Voordat ik het wist was ik in Alkmaar, het was 5 februari en het had gesneeuwd. Ik liep vanaf het station naar school en onderweg gleed ik nog uit. Ik weet nog goed dat ik toen even zo boos werd, ik had kanker en gleed ook nog eens uit. Ik was even boos op de hele wereld.

Ik stond voor school en was zo zenuwachtig. Ik ging naar binnen, deed mijn jas uit en liep naar het lokaal waar mijn klas les had. Ik stapte naar binnen en keek door de klas. Verbaasd en geschrokken keken de meeste op. Sommige begonnen te huilen, ik liep naar mijn goede vriendinnen en gaf ze een knuffel. Wat was dat een emotionele knuffel, ik vocht tegen mijn tranen. Ik wou me groot houden voor iedereen, maar het gehuil van mijn beste vriendinnen deed me zoveel pijn. Ik typ dit dan ook met tranen in mijn ogen.  Na wat geknuffel ging ik voor de klas staan, onze docent Nederlands ging ook in de klas zitten en daar stond ik in mijn eentje.  Ik vertelde wat over wat mij te wachten stond, en wat leukemie was. Ik praatte erover alsof ik een presentatie aan het geven was, alsof het niet over mij ging. Want dat wou ik niet. Na mijn praatje kreeg ik allemaal lieve cadeautjes van mijn oude klas, ook kreeg ik een boek met allemaal lieve teksten erin. Ik liep naar een stoel bij de klasgenoten waar ik goed mee omging en zei tegen de docent; ‘U kunt weer verder met de les hoor’, vol ongeloof keek hij me aan en sommige moesten lachen door mijn nuchtere houding. De docent zei dat we wat voor onszelf mochten doen en dat we ook wat eerder weg mochten. Daar zaten we in de klas, iedereen kwam op me af en de emoties waren hoog, er werd veel gehuild. We besloten dat we nog even met z’n allen de stad in gingen, nog één keer met z’n allen wat eten en drinken.

Ik ging de klas uit en zocht wat leraren op om afscheid te nemen, ik werd veel geknuffeld en ook sommige docenten waren erg emotioneel. Ik keek nog één keer om me heen met de angst dat ik nooit meer terug kon naar mijn studie. Zoals ik al eerder heb gezegd, de studie was alles voor me. Het deed pijn, het doet nog steeds pijn. Ik mis de studie ontzettend. Nadat ik afscheid had genomen van de docenten gingen we met een grote groep richting de stad. Ik keek nog één keer achterom naar het schoolgebouw en ik vocht om mijn tranen binnen te houden. Het was officieel.
We hadden het gezellig, maar het was allemaal erg dubbel. De muziek die we hoorden in het restaurant kregen voor een klasgenootje en mij een hele andere betekenis. Het was een emotionele middag. We maakten nog één groepsfoto en gingen allemaal onze eigen weg. Ik zat met mijn vaste treingroepje in de trein, het was raar om te bedenken dat dat de laatste keer zou zijn dat ik met hun mee zou reizen.

Eenmaal aangekomen in mijn woonplaats stond mijn moeder op me te wachten en gingen we samen de stad in. Ik heb die middag zoveel gehaald; pyjama’s, sokken (ik hou van dikke warme pyjama sokken, ik overdrijf niet als ik zeg dat ik 40+ paar van die warme sokken heb haha. En ik blijf ze kopen, kleine verslaving denk ik), lekkere broeken, shirts, badjas en allemaal douchespullen etc. Mijn moeder en ik gingen nog even koffie drinken en toen was het tijd om mijn tas in te pakken. We waren laat klaar met het inpakken van mijn tassen, ik had echt zoveel mee. Zelfs mijn eigen kussens (ook mijn deken kwam na een aantal dagen opname in het ziekenhuis terecht).  Ik had ook een rugtas ingepakt, met mijn laptop, schoolboeken, pennen, potloden en alles wat een student nodig had. Ik was er namelijk nog steeds van overtuigd dat ik wel even ging doorstuderen, lekker eigenwijs ook.  Mijn moeder, broertje en ik keken beneden nog even tv, wat ontzettend raar was. Ik zou vanaf de dag erna minimaal 4 weken van huis zijn. Zou ik wel nog thuis komen? Wat zou er allemaal gebeuren? We gingen op tijd naar bed, we hadden een zware dag voor de boeg.

Ik lag in bed, mijn gedachten gingen alle kanten op. Dit was de laatste nacht in mijn eigen bed voordat ik opgenomen werd. Ik was klaar om dit aan te gaan, maar ik was heel bang. Hoe zou mijn, al zieke, lichaam reageren op alles? Zou chemotherapie heel zwaar zijn? Zou ik kaal weer thuis komen? Na een slapeloze nacht was het zover, het was 6 februari 2015. De dag dat ik werd opgenomen voor mijn allereerste chemokuren…

Ben je benieuwd hoe het verder gaat? Het vervolg kun je lezen in mijn blog van volgende week woensdag!

4 Comments

  • Femke november 1, 2017 at 4:40 pm

    Het is heel raar om zoiets te lezen maar ook heel mooi, heel emotioneel. En ik zou liegen als ik zou zeggen dat ik geen traan heb weg moeten vegen. Maar ook moest ik lachen jij met je warme sokken ook!

    Reply
  • Sonja november 1, 2017 at 4:44 pm

    De herinnering maakt me weer sprakeloos. Kus

    Reply
  • Annemieke november 1, 2017 at 5:40 pm

    Hoe intens moet dit voor je geweest zijn. Mooi beschreven meid! ♥♥

    Reply
  • Roos november 2, 2017 at 5:46 pm

    Wat heftig dat stukje over het vertellen aan Mitch 🙁 Ook van het pesten. Als ik bij jou vroeger in de klas zat had ik het sowieso voor jou opgenomen 🖤

    Reply

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

X
%d bloggers liken dit: